U bent ingelogd als:

uitloggen

hoofdrubrieken

banner-bonnefooi banner-palet
printlogo

Atheneum

Het onderwijs van de afdeling atheneum op onze school bereidt leerlingen voor op het Wetenschappelijk Onderwijs (WO) en het Hoger Beroeps Onderwijs (HBO). Ons onderwijs legt het accent op de persoonlijke ontwikkeling van de leerling: via een activerende didactiek en differentiatie worden de leerlingen uitgedaagd hun talenten optimaal te benutten.

Talentontwikkeling

Talentontwikkeling speelt binnen het atheneum een belangrijke rol: de leerlingen kunnen o.a. deelnemen aan vakolympiades en debatwedstrijden. Begaafde leerlingen die dit willen en aankunnen kunnen kiezen voor verrijking. Daarnaast is er extra aandacht en studiebegeleiding voor wie dat nodig heeft. Tevens kunnen de leerlingen in de onderbouw kiezen voor een van de vijf keuzevakken en in de bovenbouw voor een of meer extra keuze-examenvakken. Zo kunnen sportieve leerlingen  in de onderbouw kiezen voor het keuzevak Sport & Lifestyle. Leerlingen met een interesse voor techniek kunnen in de onderbouw kiezen voor het keuzevak Onderzoeken & Ontwerpen (O&O) of informatica. De creatieve leerling kan kiezen voor Kunstfabriek en de leerling die meer talig is kan Spaans gaan volgen.

Wetenschappelijke vorming

Gedurende hun schoolloopbaan ontwikkelen leerlingen een pre-academisch denkniveau. Dit kenmerkt zich door een kritische attitude, die blijk geeft van een brede nieuwsgierigheid en conceptueel denken. Daarom krijgen leerlingen les in wetenschappelijke vorming. Wetenschappelijke vorming gaat over techniek, onderzoek doen, duurzaamheid en filosofie, maar ook over cultuur, taal, religie en rijkdom en armoede. Zo ontwikkelen leerlingen zich als toekomstige wereldburgers, die actief deel uit maken van een mondiale samenleving.

Internationalisering en internationaal burgerschap

De jongeren van nu staan midden in de wereld. Door globalisering en internationalisering is deze wereld één global village geworden. Leerlingen hebben kennis en vaardigheden nodig om hun eigen plek te verwerven in die wereld. Hierbij valt te denken aan vreemde talen leren, kennis opdoen over andere landen en culturen, interculturele sensitiviteit ontwikkelen en inzicht krijgen in internationale relaties. Dat kan leerlingen verder helpen in hun ontwikkeling en met een toekomstige carrière, want er is een grote kans dat leerlingen in hun latere beroep samenwerken met mensen uit verschillende landen en culturen.

Tijdens bijvoorbeeld de lessen aardrijkskunde, geschiedenis, wiskunde en natuurkunde, evenals als bij de moderne vreemde talen, wordt ingespeeld op internationale ontwikkelingen. Daarnaast worden leerlingen gestimuleerd hun maatschappelijke stage in een van de buurlanden te volgen. Via stedenreizen en uitwisselingen krijgen leerlingen de mogelijkheid om een kijkje over de grenzen te nemen.

Versterkt talenonderwijs

Door middel van doeltaal = voertaal krijgen atheneumleerlingen op een interactieve manier de moderne vreemde talen aangeleerd. Kennis van deze talen is een belangrijke voorwaarde om met mensen uit andere culturen ideeën uit te wisselen en kennis te nemen van andere waarden en normen.

Vanaf leerjaar 1 kunnen leerlingen alle moderne talen op diverse niveaus volgen. Ook Spaans behoort tot de mogelijkheden voor de leerlingen vanaf leerjaar 2. Het versterkt talenonderwijs biedt leerlingen de kans extra certificaten te behalen voor Frans (DELF-Scolaire), Duits (Goethe), Spaans (DELE) en Engels: Cambridge English Advanced (CAE) of Cambridge English Proficiency (CPE).

Bèta profilering

Ongeveer 65% van alle vwo-leerlingen op onze school kiest in de bovenbouw een bètaprofiel. Het gebouw heeft een modern ‘sciencelab' en werkt samen met het bedrijfsleven (bijvoorbeeld DSM) en universiteiten (Maastricht, Aken, Eindhoven).

Samen met het vwo op de Oude Molenweg wordt op dit moment de mogelijkheid onderzocht om een gezamenlijk Technasium op te zetten. Met het vak Onderzoeken & Ontwerpen (O&O) worden de leerlingen ook nu al hier op voorbereid.

Econasium

Onze school is een econasiumschool. Leerlingen met wiskundig inzicht en interesse in economische vraagstukken kunnen toetreden tot het Econasium. Dit is een programma in samenwerking met Tilburg University voor leerlingen die aan de bovenbouw van het vwo beginnen. Ze leren hier onderzoek te doen en passen dat toe in hun Profielwerkstuk. Daarnaast bezoeken Econasium-leerlingen congressen en economische instellingen en nemen ze deel aan economische en bedrijfseconomische simulaties. Het Econasium biedt leerlingen een extra uitdaging waarin ze onderzoeksvaardigheden worden bijgebracht die van belang zijn voor veel universitaire studies. Het motiveert ze voor een vervolgstudie (met name in de economische richting) op een universiteit waar hun kans op slagen wordt vergroot.

Loopbaanoriëntatie en -begeleiding

Gedurende hun schoolloopbaan maken de leerlingen kennis met universiteiten en het bedrijfsleven middels deelname aan projecten, stages en meeloopdagen. Naast overdracht van kennis is er aandacht voor het aanleren van sociale vaardigheden, studievaardigheden, profielkeuze en studiekeuze.

De vwo brugperiode

Warme overdracht basisschool naar voortgezet onderwijs
Het vwo legt een solide basis voor een brede algemene ontwikkeling als voorbereiding op het wetenschappelijk onderwijs of hoger beroepsonderwijs. Een vwo-leerling heeft een brede interesse, een academische belangstelling, is kritisch, kan zelfstandig leren en plannen en kan grote hoeveelheden stof en complexe vraagstukken aan. Daarnaast heeft hij/zij inzicht, kan verbanden leggen en kan verdieping aan.
Nadat de leerling via de formele weg is aangemeld, volgt er in april een kort kennismakingsgesprek met leerling en ouders.

Belangrijk is het gesprek met de leerkracht van groep 8, waarbij de aangemelde leerling indien nodig uitgebreid wordt besproken. De groep 8 leerkracht legt uit op grond waarvan hij/zij het advies heeft gegeven. Er wordt gekeken naar specifieke leerlingkenmerken en achtergrondinformatie, die van invloed kunnen zijn op een succesvolle schoolloopbaan.

Omgaan met verschillen
Om de overstap van de basisschool naar het vwo goed te laten verlopen, krijgen de leerlingen een uitgebreide introductie om elkaar, de mentor en de school goed te leren kennen. De mentor heeft een cruciale rol in de begeleiding van de vwo-leerling.  In de mentorlessen en bij het vak wetenschappelijke vorming wordt aandacht besteed aan studievaardigheden en sociale vaardigheden. De mentor is de eerste aanspreekpersoon voor leerling en ouders. De mentor monitort het welbevinden van de leerling en volgt de studieresultaten op de voet middels periodieke contacten met de leerlingen, overleg met collega’s in leerlingebesprekingen, oudergesprekken en leerlingvolgsysteem.

De docenten dagen de leerlingen via activerende didactiek en differentiatie uit om dieper in de stof te duiken. Vanaf periode 2 maakt elke leerling wekelijks gebruik maken van keuzewerktijduren waarbij deze de mogelijkheid heeft om onder begeleiding van een docent in kleine groepjes te werken aan één van de zaakvakken. Dit kan zowel remediërend als verrijkend zijn.  

Na een aantal weken wordt het “wonderlijke weer” dictee afgenomen. Het doel hiervan is om vroegtijdig spellingsproblematiek op te sporen. Daarnaast vullen de leerlingen de schoolvragenlijst in (SVL). De leerling geeft daarbij zelf aan hoe hij in de eerste periode sociaal-emotioneel (motivatie, welbevinden, zelfvertrouwen) heeft gefunctioneerd. Deze informatie is belangrijk voor de mentor en op grond daarvan kan indien wenselijk extra begeleiding worden geboden.

Om leerlingen extra uit te dagen kiest de vwo-leerling in de onderbouw uit vijf keuzevakken: Kunstfabriek, Ontwerpen en Onderzoeken, Sport & Lifestyle, Spaans en informatica.

Burgerschapsvorming in een internationale context
Het VWO Maastricht vindt het belangrijk dat leerlingen over de grenzen leren kijken en volwaardige wereldburgers worden. Bij de moderne vreemde talen is het uitgangspunt: doeltaal is voertaal. De leerlingen leren de moderne vreemde talen op een interactieve manier. 

Buiten de reguliere lessen om kunnen leerlingen op vrijwillige basis kiezen voor versterkt Frans of versterkt Duits. Deze keuzevakken bieden leerlingen de kans aan het eind van leerjaar 3 een officieel erkend Delf of Goethe certificaat te halen.

In alle lessen wordt aandacht besteed aan Europese en internationale onderwerpen. In het mentoruur maken studie- en sociaal-emotionele vaardigheden deel uit van het curriculum. Er wordt aandacht besteed aan onderwerpen als pesten, hoe gaan we met elkaar om, en het gebruik van social media, maar ook aan studievaardigheden zoals plannen, samenwerken, presenteren en samenvatten.

De leerling in beeld
De mentor en de vakdocenten helpen de leerling om de tweejarige brugperiode tot een succes te maken. In elke periode vinden er verschillende leerlingenbesprekingen plaats en wordt gekeken of er gedurende de periode interventies nodig zijn. Tijdens rapportbesprekingen wordt de voortgang besproken. Naast de studievoortgang geven de resultaten van de hierboven genoemde lees- en SVL-testen een breed beeld van de leerling.

Sommige leerlingen hebben hulp nodig bij hun studieaanpak of hulp op persoonlijk vlak en kunnen indien nodig een faalangstreductietraining volgen.

Voor de onderbouw geldt een tweejarige brugperiode. In deze periode wordt duidelijk welke afdeling het beste bij de leerling past. In principe vindt determinatie plaats aan het einde van het tweede leerjaar. Dan wordt de leerling bevorderd naar 3 vwo of 3 havo. De leerresultaten, het advies van het docententeam, de resultaten van de meetinstrumenten en het profiel van de vwo-leerling spelen hierbij een belangrijke rol.  

Projectonderwijs
Er vinden in leerjaar 1 en 2 verschillende onderwijskundige projecten plaats, waarbij vakken samenwerken en leerlingen de kans wordt geboden een thema middels eigen onderzoek, interviews en excursies uit te diepen. De thema’s maken deel uit van het lesprogramma. Bijvoorbeeld bij het project “De Middeleeuwse Stad” werken de vakken aardrijkskunde, geschiedenis en biologie nauw samen. Tijdens de lessen wordt aandacht besteed aan het leven, ziektes zoals de pest, en het voorzieningenniveau van winkels in de middeleeuwen en nu. Tijdens de projectdagen krijgen de leerlingen opdrachten in de stad en werken deze uit tot een presentatie. Kinderrechten is ander project in de brugklas. In leerjaar 2 wordt gewerkt aan de thema’s: Water en Milieu, Taalstad.

Het derde leerjaar

Veel aandacht is er in klas 3 voor de profielkeuze ten behoeve van de bovenbouw. Van oktober tot begin april van de derde klas werken leerlingen onder begeleiding van decaan en mentor tijdens de wekelijks terugkerende studielessen aan het vaststellen van hun profielkeuze. Daarnaast krijgen ouders informatie tijdens twee ouderavonden en krijgen leerlingen studie- en beroepsvoorlichting op verschillende tijdstippen.

Het is van groot belang dat de leerlingen een juiste en gerichte keuze maken. Het succes van het vervolgtraject in zowel de bovenbouw als het vervolgonderwijs is hiervan mede afhankelijk. In de bovenbouw worden vier profielen aangeboden, namelijk cultuur en maatschappij, economie en maatschappij, natuur en gezondheid en natuur en techniek. Binnen elk profiel kan een leerling kiezen tussen meerdere profielgerelateerde vakken. Daarnaast kan een leerling die extra uitdaging zoekt een extra keuze-examenvak kiezen.

naar boven

nieuwstitel


Er zijn geen nieuwsberichten.

toon alle nieuwsberichten

agendatitel


Er zijn geen nieuwsberichten.

toon alle nieuwsberichten